Wat je nog niet wist over de Japanse keuken
De Japanse keuken is meer — veel meer — dan sushi. We gaan daarom graag wat dieper in op deze fascinerende en pure keuken. Een basisprincipe in de Japanse keuken…
(Hou u vast aan de takken van de bomen, want dit is een authentiek, maar erg stevig recept!)
Als ik tegen de inwonende grootouders zeg dat ik ramen maak, denken ze spontaan aan vensters en glas. U, mijn beste foodie, denkt ongetwijfeld dadelijk aan de hipste soep der soepen. Met name, de Japanse maaltijdsoep of ramen. (Tip: zoek je op Google naar ‘Ramen’, voeg dan het woord ‘recept’ of ‘soep’ toe, anders blijf je de eerste tientallen zoekresultaten hangen bij Belisol en Profel.)
Nu goed, ramen — de soep dus. Het klinkt eenvoudig: een maaltijdsoep. Maar het is het niet. Ramen is serieuze kost. Wie een beetje begint te googlen, ziet door het bomen het ramenbos niet meer. Zeker als je de echte ramen wilt maken, en geen flauw en snel afkooksel, dan ben je wel even bezig. Want op het wereldwijde net staat het vol van de flauwe afkooksels.
Wie meer info wil over het ontstaan van de ramen, kan Wikipedia er even op nalezen. Boeiend om te lezen hoe de Amerikanen er eigenlijk een beetje voor zorgen dat ze in Japan (en later de wereld) massaal ramen eten. Ik hou het hieronder op het recept. Wees gerust, tijdens het maken heb je nog meer dan tijd genoeg om het artikel te lezen.
Veel werk dus. Wil je de avond zelf nog ramen eten, dan neem je best een pak instant noodles. Echte ramen maken duurt meerdere dagen. Bereid je daar dus maar op voor. Zelf ging ik te rade bij een vriendin/Japanologe die zeer goed kan koken én jaren in Japan woonde. Als er iemand me wegwijs kon maken in het ramenbos, dan was zij het wel. Dacht ik.
“Ik maak dat echt niet zelf. Te veel werk. Zelfs in Japan doen ze dat niet, omdat het zoveel werk is. En omdat je het toch niet hetzelfde kan krijgen als in de foodkraampjes.”
Ok, dat berichtje was hoopgevend. Ze gaf me echter een tweetalig (Japans/Nederlands) recept en een korte introductie in de Japanse woordenschat. Ingrediënten werden aangeschaft. Ready to roll.
Een ramensoep bestaat uit een aantal onderdelen.
Iedereen nog mee? Ok.
De noedels heb ik zelf niet gemaakt. Ook ik heb grenzen. Verder had ik in de diepvries nog homemade kippenbouillon en heb ik die gebruikt. Anders gebruik je best een kwalitatieve kippenbouillon of trek je zelf een bouillon.
Wat valt er dus allemaal te maken?
Ik neem u mee doorheen dit meerdaags proces en probeer het zo goed mogelijk uit te leggen. Echte Japanners mogen natuurlijk altijd reageren met wat anders of beter kan. Puur praktisch: het is zeker voldoende voor twee personen, en reken op een dag of vier voor je aan tafel kunt. Heb je bouillon over nadien, vries die dan zeker in.
Beginnen deden we met de dashi. Een soort van umami bouillon.
Ingrediënten: 1L water, 5g katsuobushi, 5g kombu, stuk of 4 gedroogde shiitakes
Bereiding: meng alles in een pot. Zet er een deksel op en laat een nacht trekken.
Op dag 2 maakte ik de tare op basis van zout (shio). In een Japanse samenstelling wordt de t een d, dus wordt dit shiodare. Verder heb je ook nog misodare (miso) of shoyudare (soja), maar dat is voor een andere keer.
Ingrediënten: 4el sake, 4el dashi (gezeefd), 1el grof zeezout, 1tl sojasaus, 2 snuifjes katsuobushi
Bereiding: breng alles aan de kook zonder de flakes. Kookt het? Zet dan het vuur dadelijk uit. Voeg de flakes toe en breng tot net tegen het kookpunt. Zet het vuur terug af en zeef het. Bewaar het in de koelkast.
PS: proef eens. Dat is echt homemade zeewater in een potje.
Nog op dag twee maakte ik het bekende donkere ei (ajitsuke tamago) en de chashu nibuta of traaggegaard varkensvlees . Voor het varkensvlees wordt vaak buikspek gebruikt. Ik koos echter voor schouder, omdat ik dat nog in de diepvries had. Voor de chashu-marinade bestaan ook weer tientallen recepten. Soms met mirin en sesamolie, soms zonder.
Opmerking: je hebt meer dan genoeg. Vries de rest in, of serveer ze met noedels of rijst.
Ingrediënten: 800g varkensschouder, opbindtouw, 3 eieren
Voor de marinade: 2 lente-ui, 40g gember, 240ml sake, 240ml sojasaus, 480ml water, 180g bruine suiker, 3 el sesamolie, 3 el mirin, 1 el plantaardige olie
Bereiding:
Op dag 2 maakte ik ook de soep. Zoals gezegd gebruik je hiervoor best homemade of kwalitatieve kant-en-klare bouillon. Varkens- of runderbouillon trekken, dat is ook geen evidentie. Ik had nog zelf getrokken kippenbouillon—van zelf opgekweekte en zelf geslachte kippen (extra hipsterpunten)—liggen en gebruikte die als vertrekpunt.
Op zich is het eenvoudig: aromaten toevoegen, langzaam laten sudderen en dashi toevoegen. Net voor het einde voeg je nog extra smaakmakers zoals bonito flakes en kombu toe. Net voor het serveren breng je die op smaak met de tare. Die tare is zeer geconcentreerd, dus beetje per beetje.
Ingrediënten: 50g gember, 5 tenen look, 1 stuk prei, 0,5 ajuin, 2l kippenbouillon, resterende dashibouillon (zie boven), katsuobushi, kombu, enkele gedroogde shiitakes, shiodare
Bereiding:
Dag 3 kan je rusten. Dag vier kan je de ramen al serveren of wachten tot dag vijf. Ik wacht tot dag vijf.
Ingrediënten: udon-noedels, yuzusap, lente-ui, babymais, Japans zevenkruidenpoeder
Tip: eigenlijk maak je best iets te veel. Zo kan je het invriezen en heb je altijd ramen bij de hand. Echt een dikke aanrader. Smakelijk.
Met dank aan Coeur de Boef!
Luister zeker naar de aflevering over Ramen van onze vrienden van Wat Schaft de Podcast:
